Leest u de onderstaande tekst liever in een PDF? Download de negende voortgangsrapportage met begeleidende brief van Sybilla Dekker aan de minister van Infrastructuur en Waterstaat.
Noordzeeoverleg (NZO) samenwerking, evaluatie en resultaten Voortgangsrapportage 8 over de periode mei 2024 – november 2024
Introductie
In het Noordzeeoverleg (NZO) werken partijen aan de uitvoering van het
Noordzeeakkoord (NZA) en de ruimtelijke uitdagingen op de Noordzee. In de uitvoering
van het NZA staan de voedsel en visserij-, natuur- en energietransitie centraal, in
samenhang met de veilige scheepvaart op de Noordzee.
Natuur
Deze verslagleggingsperiode stond voor een groot deel in het teken van overleg gericht
op consensus tussen de NZO-partijen over de aanwijzing van natuurgebied op de
Noordzee dat gevrijwaard wordt van bodemberoerende visserij. Deze afspraak is in het
NZA (NZA art. 4.38) vastgelegd om de bescherming van de natuur van de Noordzee te
vergroten. Dit is noodzakelijk omdat de ecologische toestand van de Noordzee te
wensen overlaat. De partijen voerden in het najaar intensief overleg over de vraag
welk(e) deel of delen van de huidige of toekomstige natuurgebieden voor
bodemberoerende visserij gesloten zou moeten worden (optellend tot 1,2% van de
oppervlakte van de Nederlandse Noordzee). In december bleek er geen
overeenstemming te bestaan tussen de partijen over de voorstellen voor te sluiten
gebieden. Evenwel leeft de wens bij alle sectoren om er als NZO samen uit te komen.
Daarom is besloten extra tijd te nemen voor aanvullend overleg.
Met dit traject ben ik in het nieuwe jaar voortvarend doorgegaan. Het NZO heeft afgesproken om bestaand wetenschappelijk onderzoek te analyseren ter ondersteuning van de consensusvorming.
Het NZO heeft daartoe een joint fact finding traject opgezet. Daarin hebben
onafhankelijke onderzoekers de ecologische waarde en de economische waarde van de
natuurgebieden berekend. Dit traject stond onder leiding van de voorzitter van de
onafhankelijke Wetenschappelijke Klankbordcommissie van het NZO. Met de uitkomsten
van het onderzoek streef ik ernaar voor de zomer consensus te bereiken tussen de NZOpartijen over de invulling van deze NZA-afspraak.
Voedsel en visserij
Deze verslagleggingsperiode stond voor een groot deel in het teken van overleg gericht
De kottervisserijsector en de schelpdiersector hebben in deze periode
ondernemersplannen voor de toekomst opgeleverd. De ondernemersplannen zijn
onderdeel van een langer proces om met het NZO binnen de kaders van het NZA
invulling te geven aan de voedseltransitie op de Noordzee. Beide sectoren hebben een
uitgebreid traject achter de rug om te komen tot deze ondernemersplannen. Ze schetsen
het beeld van de manier waarop de kottervisserij en de schelpdiersector de
voedseltransitie willen realiseren. Het vervolggesprek binnen het NZO zal zich richten op
de elementen uit de plannen die binnen de kaders van het NZA vallen en waarin de
inbreng van de andere stakeholders, waaronder de natuurorganisaties, op deze plannen
ook wordt besproken. Deze acties zullen de partijen gezamenlijk concretiseren.
Tegelijkertijd werkt het Ministerie van LVVN aan de uitvoeringsagenda van de visie Voedsel uit zee en grote wateren uit 2024. Ik vind het van belang dat het NZO daar
goed op aangesloten is. Daarom werk ik nauw samen met de voorzitter van de Werktafel
Visserij die werkt aan de uitvoeringsagenda. De uitkomsten van de gesprekken over de
voedseltransitie in het NZO brengen de partijen in, in het proces voor de
uitvoeringsagenda. Op die manier blijft de uitvoeringsagenda de plek waar de acties
rondom voedsel uit zee bij elkaar komen
Energie
In het NZO bespreken de partijen, naast de uitvoering van het NZA, voorgenomen beleid
over de Noordzee. De afgelopen tijd is o.a. aandacht besteed aan het Windenergie
Infrastructuurplan Noordzee (WIN) na de huidige routekaart wind op zee. Op de
voorloper van dit plan, het Energie Infrastructuur Plan Noordzee, heeft het NZO vorig
jaar inbreng geleverd. Tevens heeft het NZO de hoofdlijnen besproken van het
ontwerpprogramma aansluiting wind op zee – Eemshaven (PAWOZ-Eemshaven). De
voorgenomen routes in dit programma verbinden de Noordzee met de Waddenzee en het
land. Daarom stem ik de inbreng van het NZO af met het Omgevingsberaad
Waddengebied. De aandachtspunten voor PAWOZ-Eemshaven in verhouding tot de
doelen van het NZA, heb ik overgebracht aan de minister van KGG.
In het NZA zijn afspraken gemaakt over gaswinning op de Noordzee. In dat kader is in
het NZO gesproken over het Sectorakkoord gaswinning. De relaties van de afspraken in
het Sectorakkoord met de afspraken in het NZA werden onderstreept. Het NZO blijft de
ontwikkelingen van mijnbouwactiviteiten op zee volgen, evenals de verwachtingen van
toekomstige gasproductie binnen Natura2000-gebieden (volgens NZA art. 4.37). In 2022
heeft het NZO een rapport laten opstellen over de vraag of gaswinning op de Noordzee
past binnen de afspraken uit het Parijsakkoord (conform NZA art. 5.10).1 Volgens
afspraak uit het NZA (art. 5.16) bespreekt het NZO opties voor het klimaat- en
energiebeleid die bijdragen aan het behalen van de doelstellingen van het Parijsakkoord.
Zodra het NZO hierover consensus bereikt, zal ik die opties aanreiken aan de minister
van KGG.
Waddengebied
De grote transities op de Noordzee kennen parallellen met de ontwikkeling van voedsel,
visserij en natuur in het Waddengebied. Ook bij de aanlanding van energie van de
Noordzee is het Waddengebied van belang. Een aantal partijen bij het NZO is ook
betrokken bij het Omgevingsberaad Waddengebied. Tussen beide organisaties vindt
regelmatig overleg plaats over de ontwikkelingen op de Noordzee en het Waddengebied.
Scheepvaart
In deze verslagleggingsperiode heeft de Onderzoeksraad voor Veiligheid aan het NZO de
uitkomsten toegelicht van het rapport Schipperen met ruimte, beheersing van
scheepvaartveiligheid op een steeds vollere Noordzee (juni 2024). Meer
windenergiegebieden, grotere schepen en nieuwe activiteiten zoals de productie van
waterstof zorgen voor een gebrek aan ruimte op zee, met risico’s voor de
scheepvaartveiligheid. Ook heeft het NZO het rapport besproken van de Europese
Rekenkamer over de EU-maatregelen ter bestrijding van mariene verontreiniging vanaf
schepen.
Onderzoek
MONS is het tienjarige onderzoeksprogramma dat de kennisvragen uit het NZA beoogt te
beantwoorden. Het doel van MONS is om inzicht te geven in de veranderingen in het
Noordzee-ecosysteem kunnen en zullen gaan plaatsvinden als gevolg van de drie
transities en factoren als klimaatverandering. De afgelopen maanden is wederom een
aantal onderzoeksrapporten opgeleverd. Bijvoorbeeld een rapport over monitoring van
het effect van gebiedssluiting voor de visserij en een rapportage over de vraag in
hoeverre de aantallen zeehonden worden beïnvloed door de beschikbaarheid en kwaliteit
van geschikt habitat. Met steeds meer kennis en informatie die beschikbaar komt, is de
vraag besproken op welke manier de onderzoeksresultaten van MONS bijdragen aan het
overleg in het NZO en de ontwikkeling van Noordzeebeleid.
Het progamma Noordzee
Eerder heeft het NZO inbreng geleverd over de implementatie van het NZA en het
proces van de Partiële Herziening van het Programma Noordzee 2022-2027. Ook in deze
verslagperiode is regelmatig overleg gevoerd over de totstandkoming van de Partiële
Herziening. Met het overleg over de Partiële Herziening wordt tevens vooruit geblikt naar
de verdere implementatie van het NZA in het komende Programma Noordzee 2028-
2033. Onder andere het thema medegebruik van windparken op zee is voor de NZO partijen belangrijk. Medegebruik biedt potentie voor voedselproductie,
natuurontwikkeling en optimalisatie met scheepvaart en levert daarom een bijdrage aan
het mogelijk maken van de drie transities op de Noordzee.
Ook het thema veiligheid van de infrastructuur op zee komt regelmatig aan de orde. De
Programmadirecteur Bescherming Noordzee Infrastructuur van het Ministerie van
Defensie informeert het NZO regelmatig over de actuele dreigingen en de aanpak om de
bescherming en de veiligheid van de infrastructuur te waarborgen
Slot
Op de Noordzee staan we samen voor grote uitdagingen om de drie transities te
volbrengen, waarbij voldoende ruimte behouden blijft voor veilige scheepvaart. Met de
leden van het NZO blijf ik de komende periode werken aan de uitvoering van het NZA en
aan de nieuwe uitdagingen waarmee de Noordzee te maken heeft.