Opening
De voorzitter opent de vergadering en verwelkomt de nieuwe vertegenwoordiger namens het Rijk die vandaag ook de Rijkscoördinator/IenW waarneemt.
Nationaal Programma Ruimte voor Defensie (NPRD)
Het ministerie van Defensie geeft een update over het NPRD. In dit programma is bepaald welke ruimte nodig is om het leger te versterken. Voor de Noordzee zijn dit vijf opgaven, waaronder de uitbreiding en samenvoeging van oefengebieden EHD 41 en 42 en het oefengebied bij Petten. De uitbreiding is nodig door nieuwe wapensystemen, veranderde veiligheid en de wens om vaker en realistischer samen te oefenen.
Het kabinet heeft in december 2025 de meeste locaties vastgesteld; voor enkele opgaven moet de besluitvorming nog komen maar deze volgt vóór de zomer. Defensie werkt momenteel aan de verdere uitwerking en stemt hierover af met betrokken partijen. Voor de Noordzee wordt dit opgenomen in het Programma Noordzee 2028–2033 en in de Nota Ruimte.
De uitbreiding heeft impact op onder meer natuur, visserij en scheepvaart, waarvoor eerder een planMER is uitgevoerd. Defensie wil de ruimte zorgvuldig gebruiken, met maatregelen om effecten te beperken en met gedeeld gebruik, bijvoorbeeld samen met mijnbouw. Er worden afspraken gemaakt over gebruiksmomenten en gedeeld gebruik van gebieden. Defensie blijft hierbij nauw betrokken via overleggen tussen ministeries en onderhoudt actief contact met relevante partners.
De voorzitter bedankt de spreker voor de update over het NPRD, benadrukt de betrokkenheid van het Noordzeeoverleg en de balans tussen sectorbelangen en de weerbaarheid waar Defensie voor zorgt.
Havennota 2.0
De directie Maritieme Zaken van IenW werkt aan de herziening van de Havennota 2020 -2030. De aanleiding hiervoor was de veranderende geopolitieke situatie en alle andere ontwikkelingen die op zeehavens afkomen zoals de energie- en duurzaamheidtransities.
Er zijn 5 havens van nationaal belang: Groningen, Amsterdam Noordzeekanaalgebied, Rotterdam, Moerdijk en North Sea Port. Deze blijven centraal staan. Rotterdam heeft hierin een bijzondere positie, gezien haar ligging. Er komt extra aandacht voor vitale infrastructuur, cyberveiligheid, maatschappelijke weerbaarheid en militaire dreigingen. Het concept wordt in juni 2026 afgerond, waarna een brede stakeholdersbijeenkomst volgt. Het NZO benadrukt het belang van het meenemen van alle sectorbelangen in deze fase. De voorzitter ziet graag een update in het NZO wanneer het concept klaar is.
Cumulatieve Impact Assessment (CIA)
In april 2025 informeerde het programma Monitoring en Onderzoek Natuurversterking en Soortenbescherming (MONS) het NZO over de ontwikkeling van cumulatieve effectmodellen. Het Rijk presenteerde een driestappenplan voor de toepassing van CIA in beleid: stap 1 (presentatie MONS) is afgerond, stap 2 (internationale inzichten) en stap 3 (methodeontwikkeling en toepassing) volgen nu.
Het “Spatial Cumulative Assessment of Impact Risk for Management”-model (Wageningen Marine Research) wordt als beste methode beoordeeld. Dit model helpt bij het in kaart brengen van drukfactoren en effecten op ecosystemen, en biedt handvatten voor beleid en maatregelen.
Een vierjarig onderzoek (2026–2029) van met het ministerie van LVVN en Wageningen University moet de toepassing van CIA in beleidsprocessen verkennen, zoals de Natuurherstelverordening, Vogelrichtlijn en Kaderrichtlijn Mariene Strategie. Internationaal wordt samengewerkt met de OSPAR Commission en Greater North Sea Basin Initiative (GNSBI) om de methode te versterken.
Het NZO wil eerder betrokken worden dan gepland; namelijk in 2027. IenW en LVVN nemen deze wens mee en zullen het NZO dit jaar al verder informeren. De methode is nog in ontwikkeling, maar moet op termijn helpen bij besluitvorming en ruimtelijke planning.
EU Oceaanpact en Oceaanwet
De Europese Commissie licht het EU-Oceaanpact en het proces richting de EU Oceaanwet (december 2026) toe. Het pact dient als overkoepelend kader voor diverse zee-initiatieven van de Europese Commissie.
In 2025 heeft de Commissie onder leiding van Ursula von der Leyen ‘the Ocean’ hoog op de politieke agenda gezet. Het Oceaanpact is breed en omvat thema’s zoals een schone en gezonde zee, maritieme maakindustrie, het Gemeenschappelijk Visserijbeleid, energietransitie en beveiliging. Nederland heeft hierop gereageerd met een BNC-fiche, (Beoordeling Nieuwe Commissievoorstellen: een document met de Nederlandse standpunten over nieuwe EU-voorstellen) waarin wordt benadrukt dat een schone en gezonde zee de basis vormt.
De Oceaanwet, de herziening van de Richtlijn maritieme ruimtelijke planning en de Kaderrichtlijn Mariene Strategie moeten eind 2026 klaar zijn. Deze ontwikkelingen geven richting aan het Programma Noordzee 2028-2033 en de internationale samenwerking.
De voorzitter waardeert de presentatie en benadrukt het belang van betrokkenheid van partijen en samenwerking tussen lidstaten, zoals voorgesteld in het Marine Spatial Plan. Ook de installatie van een High-Level Ocean Board wordt positief ontvangen. Nederland zal de verdere ontwikkelingen op de voet volgen.
Evaluatie werkwijze NZO, uitkomsten sectorgesprekken
In Q4 2025 is de werkwijze van het NZO besproken in sectorgesprekken tussen de voorzitter en de NZO-sectoren. De opbrengst is samengevat en voorzien van voorstellen aan het NZO ter verbetering van de werkwijze NZO.
Het NZO gaat akkoord met de voorstellen van de voorzitter over de werkwijze. De voorzitter benadrukt dat de werkwijze doorloopt en dat er aan het eind van dit jaar opnieuw sectorgesprekken komen.
Klimaatneutrale gassen op de Noordzee
De NZO-secretaris die voorzitter is van de werkgroep Energie en Infrastructuur licht het onderwerp toe. De uitvoering van art. 5.16 van het Noordzeeakkoord is meermaals in de werkgroep besproken. In het najaar van 2025 heeft een conceptbrief van de voorzitter aan het ministerie van KGG op tafel gelegen. Omdat er in de werkgroep geen overeenstemming is over de aanpak van art. 5.16, legt de werkgroep de vraag aan het NZO voor op welke wijze het NZO met dit onderwerp verder wil. Het NZO gaat opnieuw kijken naar de eerdere voorzittersbrief en werkt toe naar een korte, aangepaste brief aan het kabinet met een richting voor verdere ontwikkeling. Het onderwerp wordt ook meegenomen in de verkenning naar de toekomst van de Noordzee na 2030.
Herbenoeming Hans Schekkerman als lid van de Wetenschappelijke Klankbordcommissie (WKC)
Het NZO stemt in met de herbenoeming van Hans Schekkerman als lid van de WKC voor een nieuwe termijn van vier jaar, per 1 mei 2026.
Terugblik MONS en Wozep 2025
Dit agendapunt schuift door naar het NZO van 3 juni 2026.
Wetenschappelijke Klankbordcommissie (WKC)
Vanwege het aftreden van een WKC-lid, start de WKC zoektocht naar een nieuw lid en heeft daarvoor een profielschets opgesteld. Ook is het jaarplan 2026 gedeeld, met aandacht voor adviezen over ecologische draagkracht en voedsel uit zee. De voortgang van de adviezen wordt besproken en de NZO-leden geven aandachtspunten mee. Afgesproken wordt dat LVVN, WKC-voorzitter, secretariaat/voorzitter afstemmen over de trajecten rond het thema voedsel uit zee. Ook wordt afgesproken dat de WKC in de planning van het advies over ecologische draagkracht rekening houdt met vroegtijdig starten van het overleg over hoe het NZO met de uitkomsten van het advies kan omgaan.
Werkgroepen
NZO wg Gebieds- en soortenbescherming
De werkgroep heeft gesproken over de aanwijzing van de Hollandse Kust als Vogelrichtlijngebied (NZA art. 4.34). Daarbij is nadrukkelijk aandacht gevraagd voor het uitblijven van duidelijkheid over de aanwijzing. LVVN heeft aangegeven dat besluitvorming nog loopt en dat op korte termijn een besluit wordt verwacht, mede omdat er twee bewindspersonen betrokken zijn. Het belang van rechtszekerheid is onderstreept, onder andere in relatie tot ruimtelijke plannen in de Nota Ruimte. Dit punt wordt ook meegenomen in een aankomend overleg met LVVN.
Verder is de interpretatie van de regels voor natuurwaarden buiten windparken (NZA art. 4.36) besproken, met als doel om hierover in mei tot een definitief voorstel te komen. Ook de bestaande actieplannen voor soortenbescherming zijn aan bod gekomen; ondertekening laat nog op zich wachten en het is onduidelijk wanneer nieuwe plannen volgen. Tot slot is het jaarplan van de werkgroep geactualiseerd.
NZO wg Energie en Infrastructuur
De werkgroep blijft ontwikkelingen op zee volgen en toetsen aan de gemaakte afspraken. Tijdens de bijeenkomst zijn presentaties gegeven over de verlenging van gasproductie in het L15-blok en over het project LionLink. Daarnaast is een update gegeven van de ontwikkelingen rond gaswinning, inclusief de verwachte productie in Natura 2000-gebieden.Ook is een overzicht gedeeld van de voortgang van windenergieprojecten op zee, met aandacht voor kavelbesluiten en procedures voor het net op zee.
NZO wg medegebruik in windparken
De werkgroep werkt verder aan het medegebruiksbeleid voor het nieuwe Programma Noordzee 2028-2033. Er is een update gegeven over de verkenning naar actieve visserij binnen windparken (art. 4.24). In een volgende bijeenkomst wordt gekeken naar de gevolgen van het nieuwe medegebruiksbeleid voor de bestaande afspraken in NZA art. 4.20.
Daarnaast is de werkgroep geïnformeerd over een herziening van het gebiedspaspoort voor windenergiegebied Borssele.
NZO wg Voedseltransitie
De werkgroep is deze periode niet bijeengekomen. Wel worden in kleinere verbanden gesprekken gevoerd over de inzet van de resterende middelen uit het ‘Transitiefonds’ tot en met 2030.
De eerder aangekondigde notitie van LVVN over de stand van zaken van de visserijgelden binnen het ‘Transitiefonds’ kon nog niet worden gedeeld en volgt op een later moment.
Mededelingen
a. Voortgang besluitvorming over de 1,2% zeebodembescherming: Voorzitter en LVVN geven een update. De kennismakingsgesprekken van de voorzitter met de nieuwe bewindspersonen worden gevoerd. Het overleg over de besluitvorming is verplaatst naar 27 mei; het kabinetsbesluit volgt later. LVVN verwacht het voorgenomen besluit vóór het Commissiedebat in de Tweede Kamer op 4 juni. Onzekerheid bestaat of dit besluit afwijkt van dat van het vorige kabinet.
b. EU Maritieme Strategie & EU Havenstrategie: Dit agendapunt verschuift naar de volgende NZO-bijeenkomst.
c. GNSBI, stakeholderbijeenkomst 4 juni 2026: Dit agendapunt verschuift naar de volgende NZO-bijeenkomst.
d. Voorbereidingsgroep Toekomstscenario’s Noordzee: de voorbereidingsgroep komt bijeen ter voorbereiding van strategische sessie van het NZO op 24 juni, gericht op de toekomst van de Noordzee na 2030.
e. De felicitatiebrieven van de voorzitter aan de nieuwe bewindspersonen zijn verstuurd.
f. Geactualiseerd overzicht tweede ring NZO is gemaakt en opmerkingen/aanvullingen zijn welkom.
Rondvraag en sluiting
De voorzitter bedankt alle deelnemers voor hun bijdrage aan de extra lange NZO-bijeenkomst waar veel onderwerpen langskwamen en sluit de vergadering.